Legendestenen


In Wéris kent men verscheidene legendes, gevoed door de aanwezigheid van enkele eigenaardige natuurlijke rotsen zoals daar zijn de "Pierre Haina", het "Lit du Diable" en de "Pas-Bayard".

De "Pierre Haina" of witte menhir is een rotsachtige dagzoom, 3 meter hoog, met een helling van 45°, die misschien wel door een menselijke hand vrijgemaakt en gehouwen werd. Wellicht komt de term "haina" van het Keltisch dat daarmee de "steen van de voorouders" aanwees. De traditie wilt dat, bij elke herfstequinox, de inwoners van Wéris witten de steen. Vandaar de naam "menhir blanc" of witte menhir.
Volgens de legende sluit de steen een onderaardse galerij af die tot in het centrum van de aardbol loopt. Op sommige avonden komt Satan de rots opheffen om er zijn onheilsdaden te verrichten, voordat hij te rusten gaat op het nabijgelegen Lit du Diable (duivelsbed)". Een andere verhaal spreekt over de " boussu curé ", een goddeloos pastoor die was in steen bij God veranderd.
De "Pierre Haina" domineert het megalithische comp1ex van Wéris en heeft misschien als uitkijkpunt gediend voor de Neolieters



Het "Lit du Diable" of duivelsbed is een rotsblok van 2,40 m breed, 1,40 m hoog en 60 cm dik, die de eigenaardige vorm heeft van een wieg. Het is precies deze geheimzinnige vorm die zijn naam en legende bepaalde :
"Op het moment dat er gemaald moest worden, stelde een molenaar, langs de Aisne, vast dat hij niet genoeg water had om zijn molen te voeden. Satan deed hem het voorstel in één nacht een dijk te bouwen in ruil. voor ziin ziel. De sluwe plattelandsbewoner aanvaardde het echter niet zomaar zijn ziel uit te leveren, de volgende morgen, toen het werk af was. Bij het kraaîen van de haan riep de duivel de molenaar bij zich om de rekening te vereffenen, maar slechts de hond van de molenaar kwam opdagen. Van zodra de duivel begreep dat hij bedrogen was, barstte hij in woede uit en verwoestte hij in enkele seconden zijn nachtelijk werk. Uitgeput kwam hij weer krachten opdoen op de steen die men sindsdien het Duivelsbed noemt. De fundamenten van de duivelse dijk vindt men nog in het gehucht Roche-à-Frène."


In Pas-Bayard, een gehucht van het dorp Oppagne, zal u op een steen een lange en diepe groef zien, die het spoor zou zijn van de hoef van het Ros Beiaard, dat zich hier afstootte om in één sprong de vier Heemskinderen naar Durbuy te brengen, op een afstand van meer dan twee mijl.



Inlichtingen : Musée des Mégalithes, Place Arsène Soreil, 7 à B-6940 Wéris (Durbuy)
Tél. 086/21.33.14 – 086/21.02.19. – Fax 086/21.00.69.
(buiten België : 086 > 32 86).